De paters Heremieten uit het klooster in Yuste in La Vera (Extremadura, Spanje) waren de eersten die de door Columbus uit Amerika meegebrachte paprika’s droogden en gebruikten als conserveermiddel. Dit klooster neemt een zeer bijzondere plaats in in de Spaanse geschiedenis want in dit klooster is later keizer Karel V gestorven. De paprika’s worden eerst gedroogd in schuurtjes in de rook van steeneikenhout. Dit proces wordt gestopt als aroma, smaak en kleur optimaal zijn. Daarna worden de paprika’s in stenen molens gemalen. Indien het proces is doorgevoerd als boven beschreven met paprika’s van de streek la Vera, dan krijgt het poeder de status “Denominación de origen Pimentón de la Vera”, niet niks voor paprikapoeder! Er zijn drie smaken leverbaar op basis van selectie van meer of minder scherpe paprika’s: dulce (zoet), agridulce (bitterzoet) en picante (scherp dus). Zoals bekend wordt het poeder nog steeds veelvuldig in de keuken van Extremadure maar ook daarbuiten in Spanje gebruikt. Voorbeelden zijn allerlei varkensvlees producten (lomo, chorizo) maar ook lamsvlees, geitenvlees en eieren. De Pimentón is zeer herkenbaar verpakt in vierkante blikjes. Bij gebruik niet schrikken: de smaak ontwikkelt zich goed ook al ruikt het aanvankelijk zeer sterk naar Zware Van Nelle (dit is een voor voormalige rokers bekend aroma).
